Westhoek ijvert voor een noodfonds voor toerisme na de Brexit

De berichten in de pers over de stopzetting van de ferryverbinding tussen Zeebrugge en Hull voor passagiers, op jaarbasis toch goed voor een groot aantal bussen met toeristen en scholieren, zorgde voor een noodkreet vanuit de toeristische sector, zowel vanuit Brugge als vanuit de Westhoek.

Groot verlies

Voor de Britten was en is de Westhoek een aantrekkelijke bestemming, want goedkoop, bereikbaar en dichtbij. Door de Brexit, corona en nu ook nog de ferryverbinding die wegvalt is het een stuk moeilijker voor Britse toeristen om de oversteek te maken.

In 2020 is het aantal overnachtingen door Britten in de Westhoek enorm sterk gedaald, met maar liefst 87% voor hotels en 91% voor B&B’s, in vergelijking met de eerste acht maanden van 2019. Dat betekent dat de toeristische economie in de Westhoek een klap zal moeten verwerken van 17,3 miljoen euro verlies.

Aanbod omschakelen

Ook Poperinge voelt de terugval van het Angelsaksische toerisme. De WOI-sites (bezoekerscentrum Lijssenthoek, de dodencellen en Talbot House) kampen met grote terugvallende cijfers. De stad is nu genoodzaakt versneld om te schakelen in aanbod en infrastructuur naar de zogenaamde staycation en de kortbij vakanties.

Zonder steun van de hogere overheden is dit in zo’n snel tempo niet haalbaar. Het samenwerkingsverband van gemeenten van de Westhoek ijvert voor een Vlaams noodfonds voor toerisme na de Brexit, voor investeringen in wandel- en fietsnetwerken, onthaalpunten, uitkijktorens, belevingsplaatsen,… De gemeenteraad keurde daartoe een motie goed.

Gepubliceerd opdinsdag 1 december 20209.00 u.